Directe snelheid en reciproke snelheid
Er wordt altijd wel zo gemakkelijk gezegd dat wanneer een waarnemer met een snelheid +v beweegt ten opzichte van een
andere waarnemer dat deze laatste dan beweegt met een snelheid −v ten opzichte van de eerste.
Maar is dat eigenlijk wel zo?
Het relativiteitsprincipe is een hoeksteen van de relativiteitstheorie en dit principe zegt dat alle
inertiaalstelsels equivalent zijn.
Oftewel, er is niets, maar dan ook helemaal niets, waarin een specifiek inertiaalstelsel zich onderscheidt van
alle andere.
Het relativiteitsprincipe is weliswaar een aanname, maar tot op de dag van vandaag is er geen enkele reden,
theoretisch of praktisch, om dit principe ter discussie te stellen.
Wanneer een waarnemer W1 een waarnemer W2 met een snelheid v voorbij ziet komen dan ziet
waarnemer W2 waarnemer W1 ook met een snelheid v voorbijkomen.
In grootte althans, er kan eventueel een tekenverschil optreden indien beide waarnemers de positieve richting
van de snelheid andersom gedefinieerd hebben.
Dit heeft weinig met relativiteitstheorie te maken, dit is eigenlijk puur een wiskundige onvermijdelijkheid.
Waarnemer W1 ziet dus waarnemer W2 met een snelheid v voorbijkomen en ik ga ervanuit dat waarnemer W2 waarnemer W1 met een snelheid w voorbij ziet komen. De snelheid v noem ik de directe snelheid en de snelheid w de reciproke snelheid. De grote vraag is dan: wat is het verband tussen v en w? Daarvoor doe ik eerst nog de volgende aanname: de ruimtetijd is homogeen. Dit impliceert dat zowel ruimte als tijd overal en altijd dezelfde eigenschappen hebben. Daarom zal de snelheid w een of andere functie zijn van v, en van v alleen, want andere variabelen zijn er niet. We gaan immers uit van een homogene ruimtetijd dus positie en tijdstip hebben geen invloed op de snelheden v en w. Ik kan daarom stellen:


De grafiek van g (v) = v (de rode lijn) en f (v) = −v (de groene lijn)

De grafiek van g (v) = v (de rode lijn), f (v) = −v − 4 (de groene lijn)
en f (v) = −v + 4 (de blauwe lijn)

De grafiek van g (v) = v (de rode lijn) en f (v) = 1/v (de groene lijn)

De grafiek van g (v) = v (de rode lijn) en f (v) = (5 − v2)1/2 (de groene lijn)
Om een lang verhaal kort te maken: er zijn in essentie maar twee involute functies (voor de complete uitleg zie de pagina over involuties):


- het relativiteitsprincipe,
- de ruimtetijd is homogeen.
Door naar het volgende vraagstuk: een ruimtereis naar het sterrenstelsel Andromeda
Terug naar het vorige vraagstuk: lineariteit van de Lorentz-transformaties
Overzichtspagina met vraagstukken
Overzichtspagina relativiteitstheorie
Het equivalentieprincipe
Klassiek als limietgeval van relativistisch
De maximale snelheid
Involuties
De stelling van Green
De covariante metrische tensor naar contravariant en vice versa
Hoe vormt zich de Ricci-scalar?
Grijp jij je kansen?
De illusie dat ik fout bezig ben
De reis naar de werkelijkheid van Anita Moorjani
De Natuur spreekt: The Rainforest/Het Regenwoud
Tranen
De integraal van
De integraal van
De integraal van
De integraal van
De integralen van
De integralen van
Vraagstukken vectoren
Vectoren, vraagstuk 45
Gravitationele rood-/blauwverschuiving
Getijdenkrachten
Zijn wij vroeg of laat?
De Einstein-Rosen-brug
De invaltijd van een baksteen die in een zwart gat valt
De buitenkant van een wormgat
De integraal van
De astroïde
Het waarneembare universum
Wat is een wormgat?
Overzichtspagina wiskunde
Overzichtspagina natuurkunde
Overzichtspagina filosofie
Doneer enkele euro’s
Wetenschappelijke boeken te koop
Lezingen